ZILL-DOELEN

OWru7

Als vaardige voetganger of fietser de verkeersregels kennen en toepassen en de veiligheid van verkeerssituaties in de omgeving inschatten.

OWru7

Als voetganger of fietser gebruik maken van voor hen bestemde voorzieningen op de openbare weg en op openbare plaatsen.

OWru7

In het eigen gedrag en onder begeleiding rekening houden met de specifieke plaats van personen en voertuigen in het verkeer.

GO!-DOELEN

3.5.9.29

Aangeven dat ze rechts op de rijbaan moeten fietsen als er geen fietspad is.

3.5.9.33

Aangeven dat passagiers van een bus of tram bij het uit- of instappen voorrang hebben.

3.5.9.34

Aangeven dat een bus, die de bushalte verlaat, voorrang heeft.

OVSG-DOELEN

Leerplan wereldoriëntatie verkeer

10 de leerlingen kennen de verkeersregels voor fietsers. Dit betekent dat ze:

10.3 begrippen zoals fietsstrook, rijstrook, voorsorteren ... in de juiste betekenis gebruiken.

11 De leerlingen kunnen, rekening houdend met de verkeersregels voor fietsers, zich als fietser zelfstandig en veilig verplaatsen langs een voor hen vertrouwde route. Dit betekent dat ze:

11.2 de reglementering kunnen toepassen betreffende fietsstrook, rijstrook, voorsorteren;

11.3 hun rijgedrag kunnen aanpassen aan de verkeerstekens.

Leerplan LO 

1.2 De leerlingen kunnen veiligheidsafspraken naleven.